In een afgelegen kuststadje aan de Barentszzee, in het uiterste noorden van Rusland, probeert automonteur Kolia een eenvoudig bestaan op te bouwen met zijn vrouw Lilya en zijn zoon Roma. Maar wanneer de corrupte burgemeester Vadim Sergeyich zijn huis, garage en grond wil onteigenen, weigert Kolia zich zomaar gewonnen te geven. Met de hulp van zijn jeugdvriend en advocaat Dmitri gaat hij de strijd aan tegen het lokale bestuur. Wat begint als een juridisch conflict, groeit uit tot een uitzichtloze confrontatie met een systeem waarin politieke macht, corruptie en religieuze hypocrisie hand in hand gaan.
Met Leviathan (2014) maakte Andrey Zvyagintsev een van de meest indrukwekkende en nietsontziende films over het hedendaagse Rusland. Geïnspireerd door het Bijbelse verhaal van Job toont hij hoe een gewone man langzaam wordt vermorzeld door krachten waartegen hij nauwelijks verweer heeft. De titel verwijst zowel naar het Bijbelse zeemonster als naar de allesoverheersende macht van de staat, die het leven van haar burgers naar believen kan vernietigen.
Sinds zijn bekroonde debuut The Return (2003) behoort Zvyagintsev tot de belangrijkste auteurs van de hedendaagse Russische cinema. Zijn films onderzoeken de kwetsbaarheid van menselijke relaties tegenover maatschappelijke structuren waarin macht, schuld en morele verantwoordelijkheid voortdurend met elkaar botsen. Met Leviathan levert Zvyagintsev een absoluut meesterwerk af: een ijzingwekkende aanklacht tegen corruptie, machtsmisbruik en de verstikkende greep van kerk en staat op het individu. Ruim tien jaar later heeft Leviathan niets aan kracht of relevantie verloren. De film krijgt bovendien een bijzondere actualiteit door Zvyagintsevs ballingschap in Frankrijk en zijn terugkeer met Minotaur (2026), eveneens te zien in Budascoop.
De film won de prijs voor Beste Scenario op het filmfestival van Cannes en de Golden Globe voor Beste Buitenlandse Film, en werd genomineerd voor de Oscar in dezelfde categorie.

